skip to main content
Aandachtsgebied jeugd
Ondernemer in het sociaal domein
Grond onder mijn voeten terug

Een scheiding en de zorg voor twee kinderen met een beperking, leidden tot een burn-out. Ik werd vermalen tussen instanties en liep steeds verder vast. Via via kwam ik in contact met Riesje. Zij gaf mij weer de grond onder mijn voeten terug. Het was voor mij een heel beladen en emotionele periode, maar Riesje zorgde ervoor dat deskundigheid altijd samenging met begrip voor mijn privé situatie. Dat vond ik echt heel prettig.

M.S.
Coördinator en coach
Stichting De Noodkreet in Helmond
2004 - 2005

De opdracht
Ik ben ruim een jaar werkzaam geweest voor Stichting de Noodkreet in de functie van coördinator en coach. De Noodkreet is een vrijwilligersorganisatie die opkomt voor de belangen van kwetsbare gezinnen, die vastlopen in de jeugdhulpverlening. De vrijwilligers helpen ouders onder meer bij het begrijpen van rapportages, gaan mee naar rechtszittingen, ondersteunen bij het rechtzetten van gemaakte fouten in dossiers en bij het voeren van bezwaarprocedures.

Mijn taken
Als coördinator was ik verantwoordelijk voor het aannemen, aansturen en begeleiden (inclusief deskundigheidsbevordering) van vrijwilligers en stagiaires. Ik organiseerde en begeleidde de dagelijkse gang van zaken van de stichting, zoals de administratie, planning en dossiervorming van cliënten. Het kwam ook voor dat ik vrijwilligers ondersteunde of verving bij de gesprekken met cliënten en organisaties.
Ook was ik verantwoordelijk voor de professionalisering van de organisatie. Ik wierf onder meer subsidies en investeerde in het opbouwen van een netwerk met gemeente, provincie en partnerorganisaties betrokken bij (jeugd)hulpverlening.

Het resultaat
De Noodkreet groeide onder mijn leiding van 6 naar 25 vrijwilligers en stagiaires. We ondersteunden op jaarbasis zo’n 40 gezinnen met positieve resultaten, zoals het corrigeren van dossiers en het terugdraaien van onjuist getroffen maatregelen.
Een betere ouder worden

Het ging een tijdje fysiek en mentaal niet zo goed met mij. Mijn ouders bemoeiden zich steeds meer met de opvoeding van mijn zoontje. Dat vond ik heel vervelend, want door dingen uit het verleden hadden we altijd veel ruzie. Toch durfde ik hen niet weg te sturen; ik had ze ook nodig. Op een gegeven moment ging het zo slecht met mij dat de kinderrechter mijn zoontje bij mijn ouders in huis plaatste. Ik heb van alles gedaan om hem daar weg te krijgen, maar zonder resultaat. Samen met Riesje hebben we ervoor gezorgd dat mijn zoontje naar een ander pleeggezin ging. Voor mij was het prettiger. We konden goed contact hebben, terwijl ik beter werd. Riesje heeft mij daarnaast verwezen naar een groep waar ik kon leren een betere ouder te worden en structuur te bieden aan mezelf en mijn zoontje. Sinds kort woont hij weer bij mij. We hebben daar goede hulp bij.

K.P.